Nationale Rekencoördinator Dag

2020

Openingslezing

Jantien Smit, Hogeschool Utrecht

In de afgelopen decennia is er in toenemende mate aandacht voor de rol van taal bij het leren van rekenen-wiskunde. Het ontwikkelen van “rekentaal” verdient bij uitstek aandacht in meertalige klassen, maar is essentieel voor het inzichtelijk leren van alle leerlingen. Om deze vaktaalontwikkeling mogelijk te maken, is doelgerichte en betekenisvolle interactie nodig.

In haar bijdrage laat Jantien Smit zien hoe een leerkracht de talige ontwikkeling die nodig is om lijngrafieken te beschrijven en te interpreteren, kan ondersteunen. Eerst gaat ze in op de specifieke taal die nodig is om lijngrafieken te kunnen interpreteren en beschrijven. Vervolgens laat ze een didactische aanpak zien waarmee leerlingen deze taal kunnen ontwikkelen.

Een videofragment toont interactieve scaffolding-strategieën waarmee de leerkracht in klassikale discussies talige ondersteuning kan bieden. Ook worden voorbeelden van taalgericht lesmateriaal getoond, die o.a. in samenwerking met rekencoördinatoren tot stand zijn gekomen.

Tot slot kaart Jantien een onderwerp voor vervolgonderzoek aan: hoe kunnen aanwezige moedertalen in de klas benut worden voor het leren van rekenen-wiskunde?


Werkgroepen

Jenneken van der Mark

Abstract
Het is een voorrecht om iedere dag met jonge kinderen te werken! De onbevangenheid en het nieuwsgierige is het mooiste wat er is en dat zouden we weer veel meer moeten aanraken! Met de komst van meer doelgericht werken met jonge kinderen heeft er een vervorming plaatsgevonden. Er worden opeens ‘lesjes’ gegeven! Alsof jonge kinderen leren volgens een keer voordoen….. In deze werkgroep kijken we naar en werken we aan het ontwerpen van situaties die een beroep doen op de creativiteit van jonge kinderen.
Welke vragen stellen we en hoe zorgen we ervoor dat je in een spel een situatie uitlokt waarin kinderen kunnen leren? Hoe kun je de creativiteit van jonge kinderen benutten, zien en er enorm van genieten?
We gaan met concreet materiaal aan de slag rondom het ontwerpen van mooie denkactiviteiten.

Kees Hoogland

Abstract
Wereldwijd wordt er veel onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van rekenen en gecijferdheid in de leeftijd 0 tot en met 12. Reken- en wiskundeonderwijs is één van de meest onderzochte onderwijsgebieden. Er verschijnen alleen al over onderzoek rond rekenen op de basisschool gemiddeld zo’n 100 wetenschappelijke publicaties per week. Dit schooljaar hebben alle Nederlandse leraren gratis toegang tot die wetenschappelijke publicaties via Voordeleraar.nl. Maar hoe vind je je weg in die hoeveelheid artikelen? Toegang tot kennis leidt nog niet zomaar tot toepasbare kennis.  In een interactieve workshop pikken we er samen enkele publicaties uit om gezamenlijk nader te bekijken. We kijken goed naar wat precies onderzocht is, wat de conclusies zijn en wat we daaraan zouden kunnen hebben in de praktijk van alledag. Deze vorm van onderzoek benaderen is een voorbeeld van wat je zou kunnen “evidence-inspired” werken als tegenhanger van het hoogdravende “evidence-based” werken.

Hilde Heuninck

Abstract
Neem nu Fierljeppen, of De Eerlijke Vinder, of Tol Betalen of… alleen al het verhaal rond het spel maakt kinderen enthousiast. En ons ook want wij weten dat zij al spelend de gelijkwaardigheid, het vergelijken de breuk met de helft, het berekenen een deel van een geheel … gaan oefenen.
Maar, we staan met z’n allen lang genoeg in het werkveld om te weten dat het allemaal niet zo eenvoudig is. Het is niet omdat we het kind een spel voorschotelen, dat de leerstof verworven wordt. Spel heeft haar grootste kracht in de oefenfase van het rekenen. Eerst moeten de kinderen begrijpen waar het om draait, dan mag er gespeeld worden om uiteindelijk op formeel niveau te eindigen.
Tijdens deze workshop bespreken we de inzetbaarheid en de meerwaarde van enkele breukenspellen, uiteraard altijd nadat we ook het noodzakelijke inzicht bespraken. U vertrekt naar huis met een schat aan ideeën en het materiaal voor één concreet spel.

Carolien Duijzer

Abstract
Bewegend leren: Het creëren van afstand-tijdgrafieken met je lichaam
We worden regelmatig met een grafiek geconfronteerd. Denk bijvoorbeeld aan de grafieken die we zien in een tijdschrift, in de krant, of op de televisie. Het goed kunnen interpreteren van grafieken is dan ook een belangrijke vaardigheid. Echter, het begrijpen van grafieken, met name grafieken waarin een verandering in de tijd te zien is zoals in een afstand-tijdgrafiek, is niet altijd even eenvoudig. In deze interactieve workshop zullen we een overzicht geven van een zesdelige lessenserie die we hebben ontworpen voor groep 7, waarin leerlingen kennis maken met afstand-tijdgrafieken. In deze lessenserie hebben we fysieke ervaringen ingezet om een dieper begrip van deze grafieken te bevorderen. Hierbij hebben we gebruik gemaakt van bewegingssensoren. Zo kunnen leerlingen onder andere ervaren hoe een bepaalde beweging grafisch wordt weergegeven (in real-time geprojecteerd op het digibord) en hoe verschillende bewegingen resulteren in verschillende grafieken. De deelnemers gaan actief aan de slag met een aantal van deze activiteiten om zo aan den lijve te ondervinden in hoeverre fysieke ervaringen kunnen bijdragen aan meer inzicht in hoe de lijn in de grafiek gerelateerd is aan een verandering in afstand over tijd.

Suzanne Sjoers

Abstract
Uit het onderzoek ‘Reken- en wiskundeonderwijs aan (potentieel) hoogpresterende leerlingen’ van de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat de kenmerken die bij kunnen dragen aan goed reken- en wiskundeonderwijs voor deze doelgroep nog weinig te zien zijn in de praktijk. In deze bijdrage krijg je antwoord op de vragen: Welke kenmerken dragen bij aan goed reken- en wiskundeonderwijs aan sterke rekenaars? Hoe vertaal je dit naar je rekenbeleidsplan? Daarnaast krijg je tips en bronnen aangereikt om met dit onderwerp op jouw school aan de slag te gaan.

Fokke Munk, Frans van Galen, Sara Brachten

Abstract
Leerlingen gaan tijdens de Grote Rekendag op 25 maart 2020 aan de slag met getallen. Vanuit het thema getallenfabriek gaan kinderen op onderzoek uit naar de kracht van getallen, en naar diverse situaties waarbij getallen een rol spelen. Bij het aanpakken van de problemen zijn leerlingen niet alleen bezig met het domein Getallen, maar ook met andere domeinen. Tijdens deze workshop verkennen we enkele activiteiten, en wisselen we ideeën uit over hoe je een verbinding kunt leggen tussen rekenen-wiskunde en speels en onderzoekend leren.
De werkgroepleiders zijn lid van het ontwerpteam van de materialen voor de GRD.

Ronald Keijzer

Abstract
Het verhogen van onderwijsopbrengsten staat hoog op de agenda van scholen. Om die bij rekenen te realiseren is het nodig de interactie in de reken-wiskundeles te verbeteren. Deze interactie kan verbeterd worden als er aandacht is voor de rekentaal, de taal die leerlingen in staat stelt te communiceren over rekenen-wiskunde.

In het project ‘Professionalisering binnen leergemeenschappen om talige ondersteuning in interactieve reken-wiskundelessen te realiseren’ kortweg het TRaP-project (Taal en Rekenen als Professie) gingen onderzoekers en leraren na hoe zij de aandacht voor de taal in de reken-wiskundeles gezamenlijk kunnen verbeteren.

In de werkgroep worden praktische handvaten aangereikt hoe deze aandacht voor taal in de rekenles aan te brengen.

Martine van Schaik

AbstractVanuit de gedachte dat in iedere activiteit van jonge kinderen wiskunde schuilt, is in het project ‘Rekenen op spel’ in samenwerking met leerkrachten en pedagogisch medewerkers gezocht naar manieren om de wiskunde in spel te stimuleren. In deze workshop wordt u meegenomen in de opbrengsten van dit project. We delen met u onze zoektocht naar op welke manier de leerkracht/pedagogisch medewerker het spel wiskundig kan verrijken of verdiepen.presentatie;

Marc van Zanten

AbstractIn het basisonderwijs is het domein procenten slechts een van de vele onderwerpen die binnen rekenen-wiskunde aan bod komen. Toch is het een heel belangrijk onderwerp, omdat iedereen er in zijn of haar leven mee te maken krijgt. Niet alleen in veelvoorkomende situaties met bijvoorbeeld korting, maar ook bij minder alledaagse gebeurtenissen zoals het afsluiten van een hypotheek of het beoordelen van kansen. Niet alle verschijningsvormen van procenten zijn passend voor de basisschool, maar hier moet al wel een goede begripsbasis worden gelegd.

In de voorstellen van het Ontwikkelteam Rekenen & wiskunde van Curriculum.nu staat over procenten onder meer dat leerlingen ze moeten leren beschouwen als denkobject. Ik denk dat dit betekent dat leerlingen grip krijgen op de essentie van wat procenten zijn en welke informatie ze kunnen geven.
In deze werkgroep gaan we in deze zin aan de slag met procenten. De kernvragen die aan bod komen zijn: wat valt er allemaal te weten over, te begrijpen aan en te redeneren met procenten? En wat daarvan hoort een plek te hebben of te krijgen op de basisschool?

Belinda Terlouw

AbstractRekenen-wiskunde kan niet zonder taal. Je hebt de taal nodig om te weten wat de opdracht is, je hebt de taal nodig om te kunnen redeneren en met elkaar van gedachten te kunnen wisselen over mogelijke oplossingsstrategieën. Je hebt de taal nodig om de opgedane inzichten te kunnen verankeren en te delen met elkaar. Je hebt de taal voor nog zoveel andere zaken nodig binnen het reken-wiskundeonderwijs. Betekent dit dat kinderen pas kunnen leren rekenen als ze taalvaardig genoeg zijn? Absoluut niet! Reken- en taalontwikkeling gaan hand in hand. Je moet wel weten hoe je dit kunt stimuleren. Hoe bewust zijn leerkrachten zich hiervan? Weten zij hoe zij de taalontwikkeling kunnen stimuleren binnen reken-wiskundige activiteiten? Zo niet, wat kun jij als rekencoördinator hieraan doen?
In deze workshop staan we stil bij de taligheid van ons reken-wiskundeonderwijs. We verdiepen ons in kansen om taal- en rekenontwikkeling samen op te laten gaan. Als rekencoördinator leer je bovendien hoe jij je team hierin kunt professionaliseren. De gebruikte werkvormen kun je ook voor je team gebruiken.
Na een theoretische inleiding op deze materie, gaan we zelf aan de slag. Om een en ander te concretiseren gebruiken we prentenboeken en spel als betekenisvolle context. Hoe kunnen prentenboeken en spel zo ingezet worden dat zowel de reken-wiskundige ontwikkeling als de taalontwikkeling gediend worden? Hoe bereid je je hier dan op voor en wat doe je dan tijdens de activiteiten en de nabespreking? Er worden handreikingen gedaan die je zelf gaat uitproberen.

Mara Otten

AbstractSteeds meer wordt benadrukt hoe belangrijk het is om al voordat leerlingen naar het voortgezet onderwijs gaan een basis te leggen voor algebraïsch redeneren. Maar hoe kunnen we het algebraïsch redeneren van basisschoolleerlingen stimuleren? Dit is een vraag die we beantwoorden in ons onderzoeksproject. Voor dit project hebben we een zesdelige lessenserie ontworpen waarin leerlingen uit groep 7 kennis maken met algebraïsche strategieën om informele vergelijkingen op te lossen. Een hangmobiel (zie afbeelding) speelt in deze lessenserie een centrale rol. De hangmobiel is een balansmodel bestaande uit een balk met aan weerszijden een ketting waaraan balletjes met verschillende gewichten gehangen kunnen worden. Leerlingen kunnen concrete handelingen uitvoeren op de hangmobiel, met als doel deze in balans te houden. Op deze manier kunnen zij zelf algebraïsche strategieën ontwikkelen die van belang zijn bij het oplossen van vergelijkingen. Deze strategieën kunnen later gebruikt worden voor oplossen van andere, moeilijkere vergelijkingen in een nieuwe context.
Tijdens de workshop op de NRCD zullen de deelnemers zelf aan de slag gaan met de hangmobiel, om zo te ervaren welke algebraïsche strategieën uitgelokt worden tijdens het werken met de hangmobiel. Zo kunnen deelnemers aan deze workshop ook zelf kennismaken met deze strategieën om zo informele vergelijkingen op te kunnen lossen. Vervolgens laten we zien hoe deze activiteit met de hangmobiel de basis vormt van de lessenserie die we ontworpen hebben, en geven we een overzicht van de gehele lessenserie.

Marieke Tjallema

AbstractDe executieve functies zijn hogere cognitieve functies die ons gedrag, dus ook ons ‘leergedrag’, controleren, reguleren en aansturen. Met kennis van de executieve functies wordt onder andere duidelijk waarom sommige kinderen maar niet beginnen aan hun taak, onnodig fouten maken of een nieuwe strategie maar niet onder knie krijgen. In deze workshop krijg je een beeld wat de executieve functies zijn en hoe je ze kunt ondersteunen in de klas.

Anneke Noteboom

Abstract
Waarom denken velen eigenlijk dat zwakkere rekenaars (wat zijn dat eigenlijk?) niet wiskundig kunnen denken of dat je ze er maar beter niet mee kunt lastig vallen? Is nadenken over bijvoorbeeld relaties tussen getallen en bewerkingen of maten dan zoveel ingewikkelder dan kale sommen maken? Of is het minder belangrijk?
In deze workshop bespreken we aan de hand van vele voorbeelden dat het tegendeel waar blijkt: aan de hand van rekenpuzzels en rijke rekenvragen zien we zwakkere rekenaars opbloeien, onderzoeken, proberen en leren, vooral ook met en van elkaar! Hun motivatie en begrip neemt toe. De combinatie van wiskundig leren denken en leren van de basisvaardigheden maakt rekenen-wiskunde boeiend en betekenisvol! Daar hoef je als leraar geen wiskundige voor te zijn. We bespreken hoe je kleine dingen in je methode of lessen kunt aanpassen om het denken en leren rijker te maken!

Doelgroep: mensen die met groep 1-5 werken.

Ronnie Huberts

Abstract
Differentiëren vinden we in het rekenonderwijs belangrijk. We willen zoveel mogelijk tegemoet komen aan de onderwijsbehoeften van alle leerlingen. Veel scholen werken daarom met vaste niveaugroepen. Maar krijgen de leerlingen dan nog wel gelijke kansen in de rekenles? En wat gebeurt er met de mindset van de leerlingen?
In deze workshop bieden wij een werkwijze waarin leerlingen élke rekenles gelijke kansen krijgen. Wij geven leerlingen kansen door hen elke dag weer als nieuw te bekijken. De differentiatie vindt plaats op basis van het lesdoel. We delen onze ervaringen en gaan met u in gesprek over het differentiëren in de rekenles.

Sanna van den Berg

Abstract
Jenaplanscholen en scholen met heterogene groepen willen graag rekenen in de heterogene (stamgroep) in plaats van rekenen in leerjaren. Dit vraagt om denken in doelen. Om een dergelijke transitie te kunnen bewerkstelligen moet het rekenonderwijs anders georganiseerd worden. De rekencoördinator speelt een belangrijke rol in een dergelijke transitie die planmatig en systematisch moet worden aangepakt.
In deze werkgroep ga je door middel van diverse werkvormen hierover in gesprek. Sanna van den Berg neemt je mee in haar eigen ervaringen als rekencoördinator op een Jenaplanschool met het ombuigen van het rekenonderwijs ‘zoals de school dat altijd heeft gedaan’ naar het rekenonderwijs ‘zoals de school het graag voor de kinderen wil’. Inmiddels rekent de St. Franciscusschool in heterogene stamgroepen en denkt in doelen. Ze deelt haar succesfactoren om deze overstap te kunnen bewerkstelligen. Ze laat onder andere zien hoe het team gezamenlijk rekenblokken en projectweken voorbereidt voor de hele stamgroep ​(in de bovenbouw- groep 6-7-8) en zoomt in op hoe een beginsituatie kan worden vastgesteld. Ook zal zij zijdelings ingaan op hoe hierbij aandacht kan worden besteed aan taal in de rekenles. In de werkgroep kunnen de deelnemers vragen stellen en in gesprek gaan naar aanleiding van het gepresenteerde.

Dus… ben je op zoek naar onderbouwde inspiratie over het anders organiseren van het rekenen ​in de bovenbouw? Schuif gezellig aan.

Lucas Stuijver

Abstract
Uit het onderzoek ‘Reken- en wiskundeonderwijs aan (potentieel) hoogpresterende leerlingen’ van de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat de kenmerken die bij kunnen dragen aan goed reken- en wiskundeonderwijs voor deze doelgroep nog weinig te zien zijn in de praktijk. In deze bijdrage krijg je antwoord op de vragen: Welke kenmerken dragen bij aan goed reken- en wiskundeonderwijs aan sterke rekenaars? Hoe vertaal je dit naar je rekenbeleidsplan? Daarnaast krijg je tips en bronnen aangereikt om met dit onderwerp op jouw school aan de slag te gaan.

Karen Heinsman, Ineke van der Meulen en Cindy Florijn

Abstract
Met het arrangement Rekengroep biedt samenwerkingsverband Unita (Hilversum/’t Gooi) intensieve, gespecialiseerde begeleiding aan leerlingen met ernstige rekenproblemen. Leerlingen die hiervoor in aanmerking komen zijn leerlingen uit groep 4, 5 en 6 met ernstige achterstand op het gebied van rekenen (-1½ jaar). De leerlingen komen van de reguliere basisscholen uit het samenwerkingsverband en komen twee dagen in de week naar de Rekengroep. De andere drie dagen zijn de leerlingen op hun eigen school, daar blijven zij ingeschreven. In de twee dagen Rekengroep wordt vrijwel alle tijd besteed aan rekenen onder leiding van de medewerkers van de Rekengroep. Hierdoor kan er individueel gewerkt worden. Er wordt gewerkt aan specifieke ontwikkelingsvaardigheden die aansluiten bij de rekenmogelijkheden van het kind.
In deze workshop vertellen we over de werkwijze van de rekengroep, de ervaringen van leerlingen en resultaten. We nemen we je mee in de thema’s die we behandelen en de opbouw van het lesprogramma met afwisseling tussen automatiseren en inzichtelijk rekenen.